Proportionaliteit en maatwerk bij Social Return

< Terug naar blogs

3 minuten leestijd

Social Return goed ontwerpen: waarom proportionaliteit en maatwerk het verschil maken

In mijn vorige blog stond de vraag centraal waar je Social Return een plek geeft in de aanbesteding. Die keuze is bepalend voor de uitvoerbaarheid. Maar minstens zo belangrijk is de vraag hoe je Social Return vervolgens ontwerpt. In de praktijk zie ik dat veel frictie niet ontstaat doordat Social Return wordt toegepast, maar doordat het onvoldoende is afgestemd op de opdracht en de markt.

Social Return vraagt om maatwerk. Maar dat woord wordt vaak te gemakkelijk gebruikt. Het klinkt sympathiek, maar blijft in aanbestedingen regelmatig hangen op papier. Tegelijkertijd zie ik ook het tegenovergestelde: standaardpercentages en vaste formats die worden toegepast zonder goed te kijken naar wat de opdracht daadwerkelijk mogelijk maakt. Juist in dat spanningsveld ontstaan problemen.

Proportionaliteit is geen juridische formaliteit

Proportionaliteit wordt in aanbestedingen vaak benaderd als een juridisch vereiste waar je iets mee moet. In de praktijk is het veel meer dan dat. Het is een inhoudelijke ontwerpvraag. De aard van de opdracht, de looptijd, de arbeidscomponent en de mate van beïnvloedbaarheid bepalen samen wat een realistische Social Return-opgave is.

Bij arbeidsintensieve opdrachten ligt het voor de hand om Social Return te koppelen aan inzet op het project zelf. Bij kapitaalintensieve of specialistische opdrachten ligt dat veel lastiger. Toch zie ik nog regelmatig dat in beide gevallen dezelfde verplichting wordt opgelegd. Op papier klopt het, maar in de uitvoering ontstaat direct spanning. Opdrachtnemers gaan zoeken naar alternatieve invullingen, terwijl opdrachtgevers zich afvragen waarom de realisatie achterblijft.

Een voorbeeld dat dit goed illustreert: de aanbesteding van warme drankenvoorziening. In een situatie waarbij wordt gekozen voor full-operating, inclusief monteurs, schoonmaak en het bijvullen van koffieautomaten, is Social Return goed toepasbaar. De werkzaamheden zijn structureel, arbeidsintensief en lenen zich bij uitstek voor de inzet van mensen vanuit de Social Return-doelgroep.

Interessant wordt het wanneer diezelfde gemeente bij een volgende aanbesteding besluit de automaten zelf schoon te maken en bij te vullen. De opdracht verandert daarmee wezenlijk van karakter: de arbeidscomponent verschuift grotendeels naar de organisatie zelf. Toch zie ik in de praktijk dat de Social Return-verplichting vervolgens ongewijzigd blijft. De ruimte om Social Return in te vullen wordt daarmee ineens beperkt tot de inzet van een monteur en enkele ondersteunende werkzaamheden rondom de opdracht.

Formeel is de verplichting niet gewijzigd, maar inhoudelijk is de uitvoerbaarheid sterk afgenomen. Dit soort situaties laat zien dat proportionaliteit en maatwerk geen abstracte begrippen zijn, maar direct samenhangen met keuzes in de scope van de opdracht.

Maatwerk vraagt om keuzes, niet om open eindjes

Maatwerk wordt vaak vertaald naar flexibiliteit voor de opdrachtnemer. In theorie klinkt dat logisch, maar in de praktijk leidt te veel openheid juist tot onduidelijkheid. Als alles kan, is vooraf niet helder wat wordt verwacht en achteraf niet goed toetsbaar wat is geleverd.

Goed maatwerk betekent niet dat je alles loslaat, maar dat je gerichte keuzeruimte biedt. Je bepaalt vooraf welke vormen van invulling passen bij de opdracht en welke niet. Daarmee stuur je op kwaliteit zonder de uitvoering dicht te timmeren. Dat vraagt meer denkwerk aan de voorkant, maar levert rust op tijdens de uitvoering.

Dit werkt het beste wanneer Social Return niet als los beleidsblok wordt benaderd, maar als integraal onderdeel van de opdracht. Dan wordt het gesprek inhoudelijk in plaats van administratief.

Ontwerpkeuzes werken door tot in de contractfase

Wat in de aanbesteding wordt vastgelegd, werkt onvermijdelijk door in de contractfase. Als Social Return vaag is geformuleerd, wordt monitoring lastig. Als de verplichting niet past bij de opdracht, wordt handhaving ingewikkeld. En als er vooraf geen duidelijke verwachtingen zijn uitgesproken, ontstaan discussies over interpretatie.

Soms komt dit al aan het licht bij de vragenrondes, waarbij geïnteresseerde partijen om verduidelijking vragen over de Social Return-verplichting. Maar helaas vaak pas na gunning, tijdens de uitvoering.

Juist nu Social Return steeds vaker wordt gemonitord tijdens de uitvoering, worden ontwerpfouten zichtbaarder. Contractmanagement kan alleen sturen op wat vooraf helder is afgesproken. Dat betekent dat de kwaliteit van het aanbestedingsontwerp bepalend is voor de kwaliteit van de uitvoering.

De rol van de aanbestedende dienst verandert

Wat ik zie, is dat Social Return vraagt om een andere rol van de aanbestedende dienst. Minder sturen op standaardformats en meer op inhoudelijke samenhang. Minder denken in verplichtingen en meer in realistische sociale impact. Dat vraagt om samenwerking tussen inkoop, beleid en uitvoering, maar ook om het lef om niet alles gelijk te willen trekken.

Niet elke opdracht is geschikt voor dezelfde Social Return-inzet. Dat erkennen is geen zwaktebod, maar een voorwaarde voor effectiviteit. Door bewuster te ontwerpen, voorkom je dat Social Return een verplicht nummer wordt dat vooral energie kost.

Social Return werkt alleen als het serieus wordt genomen in het ontwerp van de aanbesteding. Proportionaliteit en maatwerk zijn daarbij geen abstracte begrippen, maar concrete ontwerpinstrumenten. Door vooraf scherp te kiezen wat past bij de opdracht en wat niet, vergroot je de kans dat Social Return ook in de praktijk bijdraagt aan maatschappelijke waarde.

Hulp nodig bij het ontwerpen van proportionele Social Return in jouw aanbesteding?

SROI Specialist helpt opdrachtgevers bij het maken van bewuste ontwerpkeuzes, zodat Social Return uitvoerbaar blijft en aansluit bij de realiteit van de opdracht. Neem contact op voor een vrijblijvend gesprek.

U kunt ons ook bellen op 06-19526286