Wanneer begint een Social Return-verplichting? Uitleg voor opdrachtnemers

FAQ Wouter van Eijk 14 september 2026 3 min lezen

Nederland kent geen wet die Social Return verplicht stelt. Een Social Return-verplichting ontstaat pas op het moment dat een opdrachtgever, meestal een gemeente, provincie, waterschap of het Rijk, dit expliciet opneemt in de aanbestedingsdocumenten of het contract. Vanaf dat moment is de verplichting juridisch bindend en moet je hieraan voldoen. Staat er in de aanbestedingsstukken niets over Social Return, dan geldt er ook geen verplichting, ook niet als de opdrachtgever een overheidsorganisatie is.

Elke aanbestedende dienst bepaalt binnen de Aanbestedingswet 2012 zelf of, wanneer en hoe zij Social Return toepast. Dat betekent dat het per opdrachtgever, en soms per opdracht, verschilt of jouw organisatie ermee te maken krijgt.

Wanneer neemt een opdrachtgever Social Return op?

Een opdrachtgever weegt meestal een aantal factoren mee voordat Social Return in een aanbesteding terechtkomt:

  • de opdrachtsom ligt boven een drempelbedrag dat de opdrachtgever zelf vaststelt
  • de opdracht bevat voldoende loonkosten of personele inzet om invulling mogelijk te maken
  • de aard van de opdracht biedt ruimte voor inzet van de doelgroep

Drempelbedragen verschillen per aanbestedende dienst. De Rijksoverheid hanteert voor de klassieke variant (Social Return 1.0) een richtlijn van 5% bij een opdrachtwaarde vanaf €250.000 excl. btw en een looptijd langer dan 6 maanden, maar individuele ministeries wijken hiervan af: het Ministerie van SZW past Social Return al toe vanaf €50.000, de ministeries van BZK en BZ vanaf €140.000, en het Ministerie van VWS vanaf €250.000 (excl. btw). Gemeenten bepalen dit zelfstandig: de gemeente Amsterdam werkt in haar Leidraad Sociaal Opdrachtgeverschap bijvoorbeeld niet met een vast drempelbedrag maar met een doelstelling van minimaal 5% sociale winst per aanbesteding, volgens het principe pas toe of leg uit. Een volledig overzicht van drempels en de factoren die meewegen staat bij Welke bedrijven hebben een Social Return-verplichting?.

Social Return komt daardoor vooral terug bij opdrachten in de bouw, schoonmaak, groenvoorziening, catering en facilitaire dienstverlening. In sectoren met weinig directe arbeidsuren, zoals de levering van goederen, is toepassing minder gebruikelijk, tenzij de opdrachtgever werkt met alternatieve invulling of sociaal inkopen.

Van inspanningsverplichting naar resultaatverplichting

Vroeger werd Social Return vaak als inspanningsverplichting geformuleerd: je moest aantonen dat je je had ingespannen, maar bleef bij het niet halen ervan meestal zonder gevolgen. Steeds meer opdrachtgevers kiezen inmiddels voor een resultaatverplichting, ook wel een contractuele prestatie-eis genoemd. Daarbij leg je in het contract een concreet resultaat vast, bijvoorbeeld een percentage van de opdrachtsom, de inzet van een of meerdere kandidaten uit de doelgroep, of een inspanningswaarde volgens de bouwblokkenmethode. Haal je dat niet, dan ben je in beginsel in gebreke en kan de opdrachtgever sancties opleggen.

Wat als je de verplichting niet nakomt?

Steeds meer opdrachtgevers nemen een boeteclausule op voor het geval de verplichting niet wordt gehaald, bijvoorbeeld een bedrag per gemist fte of per duizend euro aan niet-bestede verplichting. Ook zonder boeteclausule blijft niet-nakoming van belang: het is een contractuele afspraak, en het niet of onvoldoende uitvoeren ervan kan een negatieve referentie opleveren die meeweegt bij toekomstige aanbestedingen. Lees de volledige uitleg in Wat gebeurt er als je niet aan je Social Return-verplichting voldoet?

Let op de proportionaliteit

Een Social Return-eis moet in verhouding staan tot de omvang en aard van de opdracht. Is het gevraagde percentage realistisch gezien de loonkosten in de opdracht? Leent het type werk zich voor inzet van de doelgroep? Is er voldoende ruimte in de planning om begeleiding te organiseren? Twijfel je hierover, stel dan een vraag in de Nota van Inlichtingen. Opdrachtgevers zijn soms bereid om een eis te verduidelijken of bij te stellen als deze niet proportioneel blijkt.

Sinds wanneer bestaat Social Return?

Nederland past Social Return sinds 2012 toe als onderdeel van het rijksbrede inkoopbeleid. Sindsdien nemen steeds meer gemeenten, provincies, waterschappen en ministeries het instrument op in hun inkoopbeleid, hun aanbestedingen en soms in subsidievoorwaarden. Een landelijk uniform beleid is er nooit gekomen: elke aanbestedende dienst blijft zelf verantwoordelijk voor de invulling, zolang zij zich houdt aan de beginselen van non-discriminatie, gelijke behandeling, transparantie en proportionaliteit.

Veelgestelde vragen

Geldt Social Return automatisch bij elke overheidsopdracht? +

Nee. Een verplichting ontstaat alleen als de opdrachtgever dit expliciet in de aanbestedingsstukken opneemt. Lees het volledige overzicht van wanneer en voor wie dit geldt in Welke bedrijven hebben een Social Return-verplichting?

Wat gebeurt er als ik de verplichting niet haal? +

Dat hangt af van de afspraken in het contract, van een korting op de betaling tot een boeteclausule. Lees de volledige uitleg in Wat gebeurt er als je niet aan je Social Return-verplichting voldoet?

Hoe stel ik vast of, en hoeveel, mijn organisatie moet voldoen? +

Een 0-meting brengt in kaart welke verplichting concreet voor jouw organisatie geldt en welke ruimte er is in de invulling.

WE
Wouter van Eijk
Directeur SROI Specialist BV · PSO-adviseur · Bidmanager
Wouter adviseert opdrachtgevers en opdrachtnemers over de praktische toepassing van Social Return binnen aanbestedingen, contractmanagement en maatschappelijke impact.
Deel dit artikel
LinkedIn
Weten of, en per wanneer, uw organisatie aan een Social Return-verplichting moet voldoen?
Wij nemen de aanbestedingsstukken en het contract door: op welk moment de verplichting ontstaat, of het een inspannings- of een resultaatverplichting is, en welke ruimte er is in de invulling.